Ondersteuning

Onderwijsbehoeften

Op onze school stemmen we het onderwijs af op de verschillende onderwijsbehoeften van de leerlingen. Om hier goed aan te kunnen voldoen zijn onderstaande punten belangrijk binnen ons onderwijs:

- goed leerlingvolgsysteem

- goed analyseren van toetsen en dagelijkse werk

- voortoetsen van spelling en rekenen (top-downprincipe)

- dynamische groepsplannen en korte termijnplannen

- observeren van leerlingen

- houden van kindgesprekken (leergesprekken)

- goede contacten met ouders

 

Onze school heeft een leerlingvolgsysteem (Parnassys, Kijk) voor cognitieve vakken (rekenen, spelling, begrijpend lezen, taal, lezen) en voor het sociaal- en emotioneel leren (IEP, Kijk). Voor iedere leerling worden relevante gegevens bijgehouden in dit administratiesysteem.

Van alle leerlingen, die extra ondersteuning krijgen, is er een dossier met gegevens over het gezin, gesprekken met ouders, speciale onderzoeken, handelingsplannen, test- en rapportgegevens van de verschillende jaren. Uiteraard gaan wij zorgvuldig met deze dossiers om. Alleen de groepsleerkrachten, directeur en de IB-er hebben inzage hierin. Ouders hebben te allen tijde inzage in het dossier van hun eigen kind.

In ons ondersteuningsplan staat beschreven en uitgelegd hoe de signalering plaatsvindt en hoe we extra ondersteuning vormgeven.

Intern begeleider

Algemeen


Onze intern begeleider (IB’er) coördineert alles wat met ondersteuning te maken heeft. Zij ondersteunt en adviseert de leerkrachten, voert gesprekken met ouders en allerlei externe instanties. Alles in het belang van de kinderen. Als zij het nodig acht, bespreekt zij voorliggende keuzes met de directie.

Zij heeft goed in beeld wat de mogelijkheden, maar ook wat de onmogelijkheden zijn binnen Het Stelleplankier. Wij kunnen veel op het gebied van ondersteuning, maar er zitten grenzen aan onze mogelijkheden. Deze grenzen zullen steeds opnieuw moeten worden bepaald.

Met leerkrachten

Tweemaal per jaar voert de IB’er leerlingbesprekingen met de leerkrachten. Alle kinderen komen dan kort aan bod en er wordt bekeken of de pedagogische en didactische aanpak aanpassing behoeft. Ook wordt gekeken naar het welzijn en welbevinden van de kinderen.
Natuurlijk is er op vele andere momenten ook contact tussen IB’er en leerkrachten. Zeker over kinderen die veel specifieke ondersteuning nodig hebben.
De IB’er bespreekt de resultaten van de IEP-toetsen met de leerkrachten. Samen bekijken zij wat de grote lijnen zijn en welke resultaten opvallend zijn. Een analyse, dus. Daarop volgt eventueel een aangepaste aanpak voor een individueel kind of een groep.

Met ouders

In eerste instantie voeren de leerkrachten de gesprekken met de ouders. Zij werken tenslotte dagelijks met de kinderen en kennen de kinderen het best. De leerkrachten weten ook steeds meer van (ortho-) pedagogische en (ortho-)didactische aanpakken. Daar waar zij twijfels hebben, overleggen zij met de IB’er.

Als het gaat om het mogelijk aanvragen van externe hulp of het bespreken met externe instanties, krijgt de IB’er op een bepaald moment ook een rol bij de gesprekken met ouders. De IB’er kent de (complexe) sociale kaart van de regio en weet goed waar zij moet zijn voor de juiste informatie en hulp.

Met externe instanties

De IB’er vraagt regelmatig externe instanties om advies. Dit gebeurt veelal in geplande overlegvormen, waarin casussen worden besproken met meerdere experts uit verschillende werkvelden. Ook houden we de lijntjes kort met de instanties, zodat wij hen ook buiten deze overleggen om advies kunnen vragen. In uitzonderlijke gevallen kan een crisisteam worden samengesteld, zodat snel gehandeld kan worden in het belang van een kind.

Extra ondersteuning

Soms ontwikkelen kinderen zich niet zoals verwacht of gehoopt op school.

Wanneer een leerkracht dit signaleert worden ouders op de hoogte gebracht. Indien nodig wordt met ouders, leerkracht en ib-er overlegd. Soms zijn problemen van tijdelijke aard of eenvoudig op te lossen met een (tijdelijke) aanpassing. De nodige extra ondersteuning wordt door de eigen leerkracht verleend. Wanneer de extra ondersteuning door de leerkracht niet toereikend is, wordt met toestemming van ouders, het kind in consultatie gebracht.

Consultatie houdt in dat leerkracht(en) samen met ouders en een externe deskundige van het regionaal onderwijs begeleidingsdienst Zeeland (RPCZ) de zorg omtrent het kind bespreekt en samen naar een oplossing en/of (externe) hulp gaan zoeken.

Leerling arrangementen

Soms is de ondersteuning van een leerling van dien aard dat een leerkracht niet in de mogelijkheid is om deze te verlenen. Er is dan extra hulp van buiten de school nodig. In dat geval kan een arrangement aangevraagd worden bij het samenwerkingsverband Kind op 1.

Een arrangement kan inhouden:

  • ambulante begeleiding op school voor de leerling 
  • onderwijsassistent op school voor de leerling 
  • ondersteuning en begeleiding van de leerkracht door een ambulant begeleider